door Robert Langer
Sinds 2021 krijgen Nederlandse mountainbikeroutes steeds vaker een kleur, van groen tot zwart. Handig. Maar wie die kleuren meeneemt op vakantie naar Oostenrijk of Italië, kan flink verrast worden. Daar spreken ze een andere taal: S0 tot S5. Wij leggen uit hoe het zit, en waarom een rode route bij Oldenzaal niet te vergelijken is met een rode trail in Tirol.
Je staat bovenaan de trail, het bordje is blauw, dus “makkelijk”. Honderd meter verder: wortels, een trede, een krappe bocht. Wie heeft dit ingedeeld? Je bent niet de enige die zich dat afvraagt. Het eerlijke antwoord: in het mountainbiken bestaat geen wereldwijde standaard. Elk systeem meet met zijn eigen liniaal.
Het Nederlandse kleursysteem: geboren uit veiligheid
In juni 2021 hingen de eerste bordjes van het nieuwe kleursysteem van wielersportbond NTFU op de route Het Hulsbeek in Oldenzaal. De schaal loopt van groen voor beginners tot zwart voor ervaren mountainbikers, met blauw en rood daartussen.
De aanleiding was serieus. Volgens een rapport van VeiligheidNL lag het aantal mountainbike-ongevallen in 2020 maar liefst 68 procent hoger dan in 2019. Er werd ook meer gefietst (van 11 naar 15 miljoen uur), maar het risico op een bezoek aan de spoedeisende hulp steeg mee. Volgens de NTFU had elke route voorheen zijn eigen bewegwijzering, en soms liepen parallelle paden met verschillende moeilijkheid naast elkaar. Minder ervaren rijders kwamen zo in onverwachte situaties terecht.
Belangrijk om te weten: het systeem is vrijwillig. Terreineigenaren of clubs moeten het zelf aanvragen bij de NTFU. Niet elke route in Nederland draagt dus een NTFU-kleur.
De Alpen spreken S-taal
Rijd je in Oostenrijk, Duitsland, Zwitserland of Zuid-Tirol, dan kom je de Singletrail-Skala (STS) tegen. Die loopt van S0 tot S5. Een officiële S6 bestaat niet, de schaal is naar boven open. Ze beoordeelt alleen de technische moeilijkheid, stuk voor stuk.
- S0: vloeiende paden door bos of weide, grip, geen treden of wortelpartijen, ruime bochten.
- S1: kleine obstakels zoals platte wortels en stenen, uitgesleten geulen, soms losse ondergrond. Tot 40 procent verval, geen haarspeldbochten.
- S2: grotere wortels en stenen, vaak losse grond, treden en lage trappen, krappe bochten. Plaatselijk tot 70 procent steil.
- S3: blokkerig, veel rotsen en wortels, hoge treden, haarspeldbochten, gladde ondergrond.
- S4: zeer steil en zeer blokkerig, je kettingblad raakt de treden. Trialtechnieken nodig.
- S5: puinhellingen, aardverschuivingen, meerdere hoge drops na elkaar. Voor bijna iedereen onrijdbaar.
Hier zit de kern voor Nederlandse rijders. Op OpenStreetMap, waar paden met een waarde van 0 tot 5 worden gelabeld, worden in de Benelux vooral 0 en 1, soms 2 gebruikt. Niveaus 3 tot 5 gaan over rotspaden waarvoor je flink wat ervaring nodig hebt. Met andere woorden: het hele bovenste deel van de schaal ken je van huis uit nauwelijks.
| Het bovenste deel van de S-schaal ken je in Nederland nauwelijks. In de Alpen begint daar pas het echte werk. |
Zelfde kleur, andere liniaal
De STS koppelt haar graden zelf aan drie kleuren: blauw voor S0 en S1, rood voor S2, zwart voor S3 en hoger. Tirol in Oostenrijk werkt met vier kleuren, uniform voor de hele deelstaat: groen is S0, blauw S1 tot S2, rood S2 tot S3, zwart vanaf S3. Inclusief harde cijfers: een blauwe trail heeft gemiddeld maximaal 12 procent verval en piekt op 30 procent, een zwarte gaat gemiddeld boven de 20 procent met pieken vanaf 70 procent.
| Systeem | Groen | Blauw | Rood | Zwart | Dubbelzwart |
|---|---|---|---|---|---|
| NTFU (Nederland) | beginners | tussenniveau | tussenniveau | ervaren rijders | niet voorzien |
| STS (kleuren) | niet voorzien | makkelijk: S0 en S1 | gemiddeld: S2 | moeilijk: S3 en hoger | niet voorzien |
| Tirol (Oostenrijk) | zeer makkelijk: S0 | makkelijk: S1 tot S2 | gemiddeld-moeilijk: S2 tot S3 | moeilijk: vanaf S3 | niet voorzien |
| Forestry England (nieuw) | makkelijk | gemiddeld | moeilijk | zwaar | extreem |
Er bestaat geen officiële omrekening van NTFU-kleuren naar S-graden. Die verzinnen wij dus ook niet.
Niemand doet hier iets fout. Maar het betekent wel dat je thuiskleur geen goede maatstaf is voor een vakantie in de bergen. Een rode Tiroolse trail kan S3-passages hebben, met hoogtes, verval en ondergrond die je in Nederland simpelweg niet tegenkomt.
En dubbelzwart?
De dubbele zwarte ruit komt uit de Noord-Amerikaanse skiwereld en is via de internationale bond IMBA in het mountainbiken beland. In Engeland voert Forestry England hem stapsgewijs in als niveau “extreem”: zeer snelle, steile afdalingen, grote drops en sprongen, onvermijdelijke obstakels. Het NTFU-systeem, de STS en Tirol kennen dit niveau niet.
Vijf tips voor je volgende MTB-vakantie
- Leer de S-schaal vóór je vertrekt. Gidsen, kaarten en toeristenbureaus in de Alpen gebruiken hem. Veel kaart-apps tonen S-graden uit OpenStreetMap.
- Start een flink stuk lager. Rijd je thuis rood, begin in de Alpen op groen of makkelijk blauw. Daarna bouw je op.
- De moeilijkste passage telt. “S2 met S3-passages” betekent: S3 kunnen rijden, of bereid zijn even af te stappen.
- Nat, bladeren, schemer: tel er een niveau bij op. Onze vuistregel, geen officiële waarde.
- Oefen eerst in een bikepark. Skills-gebieden en techniektrainingen brengen je sneller verder dan vallen en opstaan op de berg.
Onze mening
Het NTFU-systeem is een goede stap, juist omdat het uit veiligheidszorgen is ontstaan. Wat het nog sterker zou maken: een korte uitleg per kleur op elk bord, en het markeren van sleutelpassages. En voor wie richting de Alpen trekt: neem je ervaring mee, maar laat je kleur thuis. Stop, kijk, beslis.
Published by Radical Life Studios / MTB Report





No responses yet